Het pad van de Wildeman #3

Niemand durft het bos meer in te gaan nadat alle jagers van de koning in het bos verdwenen zijn. Totdat er op een dag een vreemde jager bij het kasteel arriveert. De vreemde jager is nooit bang en samen met zijn hond gaat hij op onderzoek uit. Ze ontdekken al snel een bosmeertje waar een harige arm de hond het water in trekt. De vreemde jager haalt vervolgen drie mannen die met emmers het meertje leeg scheppen. En op de bodem van het ven vindt hij een wildeman: “bruin van lijf als roestig ijzer en z’n haar hing over z’n gezicht tot aan z’n knieën”.

Het meertje in het bos staat symbool voor ons onbewuste. En de wildeman voor die delen van ons zelf die we onbewust verdrongen hebben. In de loop van het verhaal blijkt deze wildeman een bron van onmetelijke kracht. Maar in deze fase van het verhaal laat de wildeman zien dat alles wat we onderdrukken of verdringen, vervormd raakt. Dat kan bijvoorbeeld ons instinctieve weten zijn, onze seksualiteit of onze assertiviteit.

Wanneer ik naar mezelf kijk, dan zie ik bijvoorbeeld dat ik als kind geleerd heb 3 x per dag te eten, waarvan 2 x per dag een broodmaaltijd. Maar rond een uur of 11 ‘s ochtends en rond een uur of 4 ‘s middags kreeg ik altijd trek en dan ging ik snaaien. Vaak iets zoets, waardoor ik dan kort achter elkaar een suiker-kick, een suiker-dip en hoofdpijn kreeg. En door al het brood dat ik at, werd ik dikker en dikker. Totdat ik rond mijn 30-ste levensjaar 95 kilogram woog en besloot dat het zo niet verder kon. Gaandeweg heb ik ontdekt, dat ik me veel beter voel wanneer ik veel minder brood eet en 5 x per dag iets substantieels eet. Mijn instinct vertelt me dus dat mijn lichaam iets anders nodig heeft, dan wat onze cultuur me deed geloven.

En ik kom uit een familie waarin er niet over seks gepraat werd. Maar als jongeman kreeg ik natuurlijk wel te maken met de bekende veranderingen in de hormoonhuishouding. De testosteron gierde door mijn lijf. Als puber ontlaadde ik al die seksuele energie door dagelijks – meer dan eens en zo snel mogelijk – te masturberen. Daarbij fantaseerde ik over mijn buurmeisjes en de dames die poseerden in de bikini’s en lingerie van een bekend postorder-bedrijf. Gelukkig hadden we 35 jaar geleden nog geen internet, anders was ik vast internet-porno-verslaafd geworden. Maar waar ik wel last van kreeg was premature ejaculatie. De aanraking van het blote lichaam van mijn vrouw was voor mij al voldoende om een zaadlozing te krijgen. Gaandeweg heb ik geleerd om niet aan seks te denken, maar de seksuele energie door mijn lichaam te voelen stromen. En om tijdens het vrijen niet naar een zaadlozing toe te werken, maar te wachten tot het moment waarop zich spontaan een lichaamsorgasme voor doet. Met als gevolg dat seks me niet langer leeg-trekt of uitput, maar ik er juist van oplaad. Het is een bron van kracht geworden.

Ook mijn assertiviteit heb ik lange tijd onderdrukt. In de praktijk betekende dit dat ik heen en weer schoot tussen – over het algemeen – mensen over mijn grenzen laten gaan en – af en toe – in woede uitbarsten. Gaandeweg heb ik geleerd op mijn authentieke Nee’s weer te voelen en te uiten. Waardoor ik veel meer in mijn kracht sta en de mensen in mijn directe omgeving ook veel beter weten wat ze wel (en niet) aan mij hebben.

En jij?
Welke kwaliteiten liggen er in jouw onbewuste te wachten om her-vonden te worden?
Ik ben benieuwd.
Je kunt je ervaring delen in de besloten Facebook-groep Wildeman Festival Deelnemers.

(c) Tekst: Arjan Verschuur.