Het pad van de Wildeman #2

Het verhaal van de Wildeman of IJzerhans begint met een verontrustend signaal: alle jagers van de koning verdwijnen in het bos en komen niet meer terug. De reactie van de koning en zijn onderdanen op dit verontrustende signaal is dat niemand zich meer in het bos waagt. “Het lag daar in diepe stilte, heel eenzaam, alleen zag men er soms een adelaar of een havik over vliegen.”

Dat bos kunnen we zien als een symbool voor onze gevoelswereld. En de reactie van de koning en zijn onderdanen laat zien hoe we als mens geneigd zijn om met ongemakkelijke gevoelens om te gaan, namelijk: er van weg bewegen. Daarmee verdwijnen die gevoelens echter niet. Ze nemen alleen een andere vorm aan.

Voordat ik met cursussen op het gebied van persoonlijke ontwikkeling begon, had ik vaak een druk hoofd. Ik dacht dat ik veel voelde, maar als ik er nu naar terug kijk, had ik 20 jaar geleden vooral veel emotie-gedachten. Bange gedachten, tobberige gedachten, boze gedachten, verdrietige gedachten, onrustige gedachten… Veel emotioneel geladen gedachten dus, maar weinig gevoelens. Ik was als het ware een wandelend hoofd.

Van arts-acupuncturist Ton van Gelder leerde ik dat je emoties ook heel fysiek in je lichaam kunt voelen. Dat was een enorme eye-opener voor me. Gaandeweg ontdekte ik dat ik emoties als een golf door mijn lichaam kan voelen komen en gaan. En ik kwam er achter dat mijn gedachten tot rust komen, wanneer ik dat laat gebeuren. En omgekeerd: dat het in mijn hoofd (weer) erg onrustig wordt wanneer ik bepaalde gevoelens onderdruk.

Onrust in mijn hoofd is voor mij dus gaandeweg een belangrijk signaal geworden. Namelijk het signaal dat er iets is dat ik niet wil voelen. En zodra ik me hier van bewust wordt, neem ik tegenwoordig de tijd om dat wel te doen.

En jij?
Hoe rustig of onrustig is het in jouw hoofd?
En hoe ga jij om met de ongemakkelijke gevoelens in jouw leven?
Beweeg je er vanaf of beweeg je er naar toe?
Ik ben benieuwd! Je kunt je verhaal delen in de besloten Facebook-groep Wildeman Festival Deelnemers.

(c) tekst: Arjan Verschuur